man met rode lippenstift

DDW, rode lippenstift en jaloezie?

‘Jaaah laten we met zijn allen naar de Dutch Design Week gaan! Jaah want we willen immers Piet Hein Eek zijn sloophouten dingen zien, die kennen we namelijk nog niet. Tof! Doe jij dan net als ik (en al die honderden anderen) je sneakers aan en je knielange zwarte rokje met je wollen vest, en vergeet niet nog even naar de kapper te gaan en je pony te laten (bij-)knippen, zo’n 2 centimeter lang en je rode lippenstift, anders val je ook zo uit de toon.’

De DDW (Dutch Design Week in short) is al voor de 19e keer. Waar het ooit begon (in mijn beleving ten minste) in 2002 als een evenement voor iedereen die wat in het productontwerpen doet (als in ontwerpt of iets te melden heeft) en zich bekommert om het ‘design’, is het verworden tot een event, waar zware-monturen-van-een-bril-dragende met rode lippenstift getooide jonge vrouwen op sneakers, er ‘een dagje uit’ ervan maken. Dat is het ene deel van het publiek. Het andere is het (wat ik noem) ‘het Libelle-publiek’. Dat zijn de eveneens zware-monturen-van-een-bril-dragende vrouwen, maar dan met een kort geknipt kapsel, een lederen handtasje (wat je óók op je rug kunt dragen) en (heel belangrijk) goede schoenen (je moet immers een dag kunnen lopen). Niet alleen het publiek is veranderd, ook dat wat er staat. En dat wat er omheen is. Dat wat er staat is commerciëler geworden, meer gericht op verkoop, en dat wat er omheen is ook. Je kunt immers daar waar de mensen komen, best ook koffie en koek verkopen. ‘Nou Afke’, ‘hoor ik je denken (kun je iemand überhaupt ‘horen’ denken eigenlijk?) ‘En dus? Wat is nou je punt? Is dat erg dan?’

Nee. Maar ik vind het niet leuk meer.

Ik kan niet eens precies zeggen waarom ik het niet zo leuk meer vind. Is het omdat ik er zelf denk te willen staan, en ik er niet sta? Is het omdat ik jaloers ben? Ik kan in principe ook een ruimte huren, of vierkante meters en er met mijn armbanden ofzo gaan staan. Past helemaal in de lijn van ‘verantwoord ondernemen’. Maar dat doe ik dan weer niet. Ik heb het er niet voor over, geen zin in en ik vind mijn producten dan ook weer niet zò bijzonder. Maar aan de andere kant: er staan hier een heleboel standjes/tafeltjes met producten die ook niet zo bijzonder zijn (bv de zoveelste fotoprint van blaadjes) dus als dat de graadmeter is, dan pas ik er prima tussen.

Of is het alsof het voelt alsof ik in een grote showroom ben beland? Een showroom waar ik entree voor moet betalen. Een showroom waar de soep 7,50 euro kost en de worstenbroodjes taai zijn omdat ze veels te lang in de warmhoudvitrine (heeft dit een naam?) hebben gelegen.

En waarom ga ik er dan heen? In de hoop dat ik nog geïnspireerd wordt? Om bevestigd te worden dat het allemaal niet zo bijzonder is (en dat het dus oke is wat ik doe)? Of gewoon om ook ‘een dagje uit’ te zijn? Ik weet het niet.

Laat ik mijn rode lippenstift maar pakken, mijn sneakers aandoen en gaan. Jeuh!

 

 

2 thoughts on “DDW, rode lippenstift en jaloezie?

  1. Geweldig!
    We want more! We want more!
    Ik ben benieuwd wat je nog meer gaat beleven en met de buitenwereld gaat delen.
    Het is heerlijk en herkenbaar wat je schrijft. Ga zo door!
    Ik kan niet wachten op je volgende post. Tot zeer binnenkort & veel succes.

    Keep me posted!
    X

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *